Na de verschillende stadia die nodig zijn voor een heiligverklaring doorlopen te hebben, werd Jehanne op 16 mei 1920 eindelijk heilig verklaard. Men had de nodige ‘onverklaarbare genezingen’ gevonden in de voorafgaande jaren… – en volgens sommigen tevens het nodige geld, naar verluidt 30.000 goudfrank…
Jehanne werd niet in één beweging ‘heilig’; tussen haar vermeende dood op de brandstapel en haar heiligverklaring lagen eerst de ‘rehabilitatie’ van 1456, vervolgens de heropening van haar zaak in de negentiende eeuw, daarna haar zaligverklaring in 1909, en uiteindelijk haar heiligverklaring op 16 mei 1920.
De eerste beslissende stap kwam in de jaren 1450. Zogezegd ‘op verzoek van haar familie’ werd haar zaak opnieuw onderzocht, en dat mondde uit in het rehabilitatieproces van 1455-1456. Op 7 juli 1456 werd het vonnis van 1431 vernietigd: het oude proces werd ongeldig verklaard wegens bedrog, onrecht en procedurefouten. Maar het proces was veeleer bedoeld om het belang van Karel VII te dienen, omdat Jehanne’s veroordeling indirect een smet wierp op zijn kroning.
Daarna volgde een lange tussenperiode. Jehanne bleef in Frankrijk voortleven in herinnering, devotie en geschiedschrijving, maar pas in de negentiende eeuw kwam haar zaak opnieuw echt in beweging. Een belangrijke impuls ging uit van bisschop Félix Dupanloup van Orléans, die in 1869 vroeg om haar zaak in Rome officieel te laten behandelen.
De eigenlijke Romeinse fase begon formeel in 1894. Daarna werd haar dossier behandeld volgens de gewone kerkelijke procedure. Dat leidde eerst tot haar zaligverklaring in 1909 onder paus Pius X, en uiteindelijk tot haar heiligverklaring op 16 mei 1920 door paus Benedictus XV.
Over de politieke recuperatie van de ‘heilige Jeanne’ weid ik meer uit in mijn boek bij hoofdstuk 18 onder de subtitel: ‘Een heiligverklaring met een scherpe politieke lading’.
Dat de canonisatie van Jehanne in 1920 ook een diplomatiek gebaar was in de toenadering tussen Frankrijk en de Heilige Stoel, staat buiten kijf. De vaak herhaalde bewering dat Frankrijk daarvoor een enorme geldsom aan het Vaticaan betaalde, kan natuurlijk nergens in bronnen bevestigd worden, ondanks het gezegde ‘waar rook is…’.
De foto onder toont een beeld van de heiligverklaring in Rome.

